Mijn plantaris hypertonie is bijna voorbij

Mijn plantaris hypertonie is bijna voorbij. Mijn feuilleton Hartverscheurend Hardlopersleed, wat begon met een vermeende knieblessure, bereikt na drie maanden eindelijk de finale. 

De warme douche gutst op mijn gebogen rug. Op een uitademing zakken mijn vingertoppen nog net wat lager en raken mijn tenen aan. Eindelijk! Na drie maanden rekken en strekken lukt het. Weliswaar zijn mijn spieren nu warm na het sporten, maar de beoogde mijlpaal is bereikt. Mijn plantaris hypertonie is bijna voorbij.

Enige remedie tegen plantaris hypertonie is het langer maken van mijn hamstrings: dus rekken, rekken en rekken!
Enige remedie tegen plantaris hypertonie is het langer maken van mijn hamstrings: dus rekken, rekken en rekken!

Drie maanden geleden gaf sportarts Marc Alsemgeest mij de opdracht  om de ruim vijftien centimeter die er gaapte tussen mijn vingertoppen en tenen weg te werken. Langere hamstrings zijn de enige remedie tegen een plantaris hypertonie. Rekken, rekken en nog eens rekken, was zijn advies. Hardlopen mocht, maar zeker niet te hard en niet te ver.

Nog meer rekken

De praktijk is weerbarstiger.  Omdat mijn been en knie na de pijnlijke manipulatie weer ontspannen aanvoelen, begin ik aan een klein rondje rennen. Maar dat wordt geen succes. Na 25 meter voel ik al weer de pijn in mijn knie. Dus eerst nog maar meer rekken en rekken.

De ene dag voelt mijn been ontspannen maar de volgende doet mijn knie pijn bij elke trede omhoog. De ervaring leert me wel  dat het rekken onmiddellijk effect heeft op mijn knie. Dat stimuleert om de rekoefeningen te blijven doen. ’s Ochtends, ’s middag, ’s avonds buig ik voorover. Mijn rugspieren zijn dit duidelijk niet gewend, zodat ik na een week mijn bed nauwelijks uit kan komen. Maar door rustig over mijn rug te rollen met opgetrokken knieën los ik dat probleem op.

Niets doen is het ook niet

Na drie weken lukt het om een rondje van van 3,5 km te lopen. Een paar dagen later zelfs 7 km. Ik helemaal blij, maar drie dagen later is het vanaf de eerste stap weer helemaal mis. Mijn knie weigert elke dienst. Rekken brengt nu ook geen verlichting.

Toch teveel gedaan? Dan maar een week rustig aan doen. Wel rekken, maar niet sporten en al helemaal niet hardlopen. Dat lijkt aanvankelijk vruchten af te werpen, maar na drie dagen word ik ’s nachts wakker van de pijn in mijn knie die helemaal stijf aanvoelt. Niets doen is het dus ook niet.

Ik vraag me af of ik ooit nog van die plantaris hypertonie afkom. Het spookbeeld dat ik het hardlopen moet opgeven, dringt zich steeds nadrukkelijker aan.

Alternatieven

Ik mag de sportschoolpas van een vriendin gebruiken tijdens haar vakantie. Dat schept een goed alternatief. De twijfels over het hardlopen  worden verdrongen door lessen bodybalance en bodyshape. Die confronteren me met mijn beperkte lenigheid en hoofd-hand-beencoördinatie. Maar oefening baart kunst, dus doorzetten maar.  Aan de lessen supercycle beleef ik veel plezier. Ook als mijn knie pijn doet, gaat het fietsen prima. Op het ritme van een stevige beat leer ik klimmen en het tempo waarin ik mijn benen rond krijg, wordt steeds hoger. Mijn conditie gaat vooruit en ik zie mezelf al op de flanken van Alpe d’ Huez.

Dat ik vorderingen maak, ervaar ik ook met het zeilen. Hoeveel de boot ook schommelt, ik voel mijn knie niet. Ook bij het schrap zetten als de wind het schip doet overhellen, geen enkel protest meer van knie of hamstrings.

Zonder pijn in knie en been kan ik me weer schrap zetten. Mijn plantaris hypertonie is bijna voorbij.
Zonder pijn in knie en been kan ik me weer schrap zetten. Mijn plantaris hypertonie is bijna voorbij.

Sportarts Alsemgeest is tevreden met de bereikte ontspanning in mijn plantaris en de verlenging van mijn hamstrings, maar hij maant me de rekoefeningen onverminderd door te zetten. “Je moet ook bij je tenen kunnen zonder dat je spieren opgewarmd zijn,” stelt hij terwijl hij soepel zijn grote lichaam voorover buigt en met gemak zijn handen de grond raken.

Plantaris hypertonie bijna voorbij

Mijn plantaris hypertonie is bijna voorbij. Ik durf nu weer te gaan hardlopen. Eerst een ronde van 4,5 km gevolgd door 1,5 km wandelen. Dan een rondje van 6 km en nu ook een ronde van 10 km. Dat gaat goed. Hamstrings noch knie protesteren. Na afloop besteed ik zeker tien minuten aan rekken en strekken. Dat kost geen moeite. Ik heb de finale bereikt van mijn vermeende knieblessure die een plantaris hypertonie blijk te zijn. De finish heb ik nu in zicht!

Zomerse oversteek naar Ipswich in Toerzeilen

Zomerse oversteek naar Ipswich is gepubliceerd in Toerzeilen, het magazine van De Toerzeilers in het 2016 julinummer. In dit  artikel doe ik verslag van mijn zeiltocht dit voorjaar met de Optie, een Beneteau First 31, van schipper Rudy van Gemert naar Ipswich aan de River Orwell.

Oversteek naar Ipswich Toerzeilen Toerzeilers Een eerste zomerse ochtend op de River Orwell waar de tijd lijkt stil te staan.
Een eerste zomerse ochtend op de River Orwell waar de tijd lijkt stil te staan.
Een zomerse oversteek naar Ipswich

Als extraatje gingen we ook de River Deben op naar Woodbridge. De terugtocht eindigde in Vlissingen, thuishaven van de Optie. De extra warme slaapzak die ik enkele dagen eerder nog had aangeschaft omdat de temperaturen ’s nachts nauwelijks boven nul bleven, had niet mee gehoeven. Na weken van koude troffen we zomers weer, al ging dat in Engeland gepaard met wat regen.

Toerzeilen Oversteek naar Ipswich 2016

Uit: Zomerse oversteek naar Ipswich

… Als ik mijn ogen open doe, glijd ik meteen mijn slaapzak uit en schuif het luik van de Optie open. In de stilte van de vroege ochtend toont zich de River Orwell: een donker lint tussen glooiende groene heuvels, een landschap zo anders dan aan onze kant van de Noordzee! Iedere keer weer ervaar ik het als de beloning voor de gemaakte oversteek. …

… Om beurten namen we rust. Zeezeilen is voor een groot deel niets doen. Soms kost het me moeite om te schakelen van de gewone dagelijkse hectiek naar de eenvoud en de regelmaat van het leven aan boord. Gelukkig vlogen er ditmaal niet allerlei to-do-lists door mijn hoofd. Het zachte geklots bracht me in een heerlijke sluimertoestand. …

… Ipswich is een typisch Engelse stad inclusief het bijbehorende verval. Maar aan de haven, in feite een grote jachthaven, kondigt zich een nieuw elan aan. Hoogbouw met veel glas en staal, onder andere van de universiteit. Maar niet elk bouwproject verloopt even voorspoedig. De betonnen kolos aan het eind staat er nog even desolaat bij als bij mijn vorige bezoek twee jaar geleden. …

Eerste Erfgoud voor Goudse burgemeester Schoenmaker

Erfgoud 2016 is uit! De eerste Erfgoud kreeg de Goudse burgemeester Milo Schoenmaker overhandigd door Daan Couwenbergh, redacteur van Erfgoud.

Eerste Erfgoud 2016 overhandigd aan de Goudse burgemeester Schoenmaker door Daan Couwenbergh, redacteur Erfgoud; artikel in de Goudse Post door Marianka Peters
Eerste Erfgoud 2016 overhandigd aan de Goudse burgemeester Schoenmaker door Daan Couwenbergh, redacteur Erfgoud; artikel in de Goudse Post door Marianka Peters.

 

Eerste Erfgoud over Iconen en symbolen

Erfgoud, het magazine van Open Monumentendag Gouda staat dit jaar in het teken van Iconen en Symbolen. Op zijn beurt legde Schoenmaker aan Daan Couwenbergh de verborgen symboliek van de Goudse ambtsketen uit.

Met de burgemeester door iconisch Gouda

In Erfgoud 2016 leest u over de stadswandeling die burgemeester Milo Schoenmaker en Erfgoudredacteur Daan Couwenbergh maakten langs de favoriete Goudse monumenten van de burgemeester. Daarbij vertelde  die ook over zijn dromen over Goudse monumenten.

 Iconische Gouwenaren: beroemd en vergeten

In Erfgoud 2016 ook aandacht voor beroemde, maar ook voor vergeten iconische Gouwenaars uit een ver verleden. Zo leest u alles over de zeventiende eeuwse diplomaat Hieronymus van Beverningh die in de Goudse Sint-Janskerk voor zichzelf en zijn vrouw een monumentale grafkapel met het duurste Italiaanse marmer liet bouwen.  En ook over de vergeten Francois Vranck, de man achter van Johan van Oldenbarnevelt. Het was Francois Vranck die de theoretische basis legde voor de onafhankelijkheid van de Nederlanden in de zestiende eeuw.

Goudse kaas, Goudse stroopwafels en Goudse pijpen

Ook de drie iconische Goudse producten komen uitgebreid aan bod: de Goudse kaas, de Goudse stroopwafels en de Goudse pijpen.

Goudse monumenten uitgelicht

In Erfgoud 2016 worden tien bijzondere Goudse monumenten uitgelicht en kijken we naar de skyline van Gouda door de eeuwen heen. Ook bezoeken we een icoon van arbeidershuisvesting, de Jozefbuurt en nemen we een kijkje in het monumentale Pijnacker Hordijkgemaal waarmee met de modernste technieken en pompen de waterstand in het Groene Hart wordt beheerd.

Over magazine Erfgoud

Erfgoud is het magazine van de Stichting Open Monumentendag Gouda. Net als voorgaande jaren is Erfgoud samengesteld door vrijwilligers die hun passie voor de monumenten en de geschiedenis van Gouda delen. Erfgoud verschijnt één keer per jaar voorafgaand aan Open Monumentendag. Open monumentendag vindt in 2016 plaats op zaterdag 10 september. Op www.monumentenstad.nl vind u meer informatie over Open Monumentendag, het programma en de deelnemende monumenten.

 

Met knieblessure naar virtueel spreekuur

Mijn knieblessure is hardnekkig. Als hardloper ga ik, Marc Couwenbergh, daarom naar het inloopspreekuur van het Sport Medisch Adviescentrum in het Groene Hartziekenhuis in Gouda. Volgens de website is dat er elke maandagmiddag, te bereiken via route 12. De werkelijkheid blijkt anders.

IJszak op de knieblessure
IJszak op de overbelaste knie

“Goede middag. Ik heb een knieblessure en kom daarom voor het inloopspreekuur van het Sport Medisch Adviescentrum.”

“Dat is er niet,” zegt de dame achter de balie van de orthopedie in het witte uniform met appelgroene details van het Groene Hartziekenhuis in Gouda.

“Maar dit is toch orthopedie, route 12,” zeg ik.

“Daar bent u, maar er is geen inloopspreekuur. Dat heeft u zeker op de website gelezen.”

“Inderdaad. Op de website staat dat je met een verwijzing van de huisarts hier elke maandagmiddag tussen 13.30 en 14.30 terecht kunt als je een blessure hebt. En die heb ik.” Ik probeer enige urgentie te laten doorklinken.

Haar collega bevestigt dat het inderdaad op de website staat, maar dat er geen inloopspreekuur is. Ongerust merk ik op dat ook zij het zegt alsof dit logisch is. Ik begin te vrezen dat ik hier vastloop in een bureaucratie als die van Kafka.

De baliemevrouw klikt wat met de muis en kijkt naar haar beeldscherm dat ik niet kan zien. Even vrees ik dat zij al weer met andere dingen bezig is, maar dan zegt ze:

“U heeft helemaal gelijk. Ik ga u er als spoed tussen plannen.”

Knieblessure: ga hardlopen!

Twee uur later loop ik het ziekenhuis uit met het advies weer te gaan rennen en mijn beenspieren sterker te maken. Uiteraard niets overbelasten, maar alleen door te bewegen kunnen de bovenbenen sterker worden, zodat mijn knieën minder te lijden hebben.

Op de foto’s die vanmiddag gemaakt zijn, ziet het bot van mijn knie er nagenoeg identiek uit als op de foto’s die negen jaar geleden gemaakt zijn voor de meniscusoperatie. Er is dus geen slijtage! Dat was ik wel gaan vrezen, omdat na bijna vijf weken niet hardlopen, mijn knie nog altijd gevoelig is. Waarom dat zo is, daarop heeft de orthopeed geen antwoord. Bij het handmatig onderzoek van de knie met allerlei buigingen, draaiingen, drukken en knijpen, had de knie geen pijn gedaan.

“Leg dat voor aan de sportarts van het Sport Medisch Adviescentrum.”

Daar heb ik inmiddels een afspraak gemaakt. Wordt vervolgd!

Zie deel 2 van het feuilleton Hartverscheurend hardlopersleed

Hardlooptraining gestaakt

Mijn hardlooptraining gestaakt! Nooit eerder heb ik een training voortijdig beëindigd.  Zes weken geleden dwong mijn knieblessure tot deze ingrijpende gebeurtenis. Dit is deel 2 van het feuilleton ‘Hartverscheurend hardlopersleed’.

IJszak op de overbelaste knie

IJszak op de overbelaste knie

Hardlooptraining gestaakt

“Jullie mogen nog een ronde,” zei de trainster tegen het groepje Goudse Runners waarvan ik deel uitmaakte. Maar ik kon niet meer. Als ik het heftige protest van mijn rechter knie nog langer negeerde, zou die het wel eens voor goed kunnen laten afweten. Ik moest de hardlooptraining staken. Teleurgesteld en boos zag ik hoe de anderen van het groepje weer wel weg sprintten. Het liep tegen het einde van het wekelijkse trainingsuurtje. De voorjaarszon scheen. De witte lijnen op het oranje van de vernieuwde atletiekbaan trokken een glanzend spoor naar een, ineens voor mij onbereikbare horizon. Ik had de hele ochtend op mijn tanden moeten bijten om mijn loopmaatjes niet van me weg te laten rennen. Nu was dat toch gebeurd.

Schrap zetten

“Het gaat niet goed hè.” De trainster had gezien dat ik in deze hardlooptraining niet lekker liep. Ik vertelde haar dat ik al weken last had van mijn knie. Vier weken terug had ik die verdraaid met het zeilen. De boot was na een winter op het droge weer terug het water in. We waren meteen gaan varen, al lagen de houten vlonders nog niet in de kuip. Mijn voeten vonden daardoor weinig houvast. Alleen door me schrap te zetten tegen de kant, voorkwam ik dat ik weggleed. In die houding was ik weinig flexibel, zeker toen de boot in een windvlaag sterk overhelde. Er kwam teveel kracht op mijn gedraaide knie.

Dik tevreden aan de finish van de Salomonstrail in Gulpen 2016 na extra klim- en daaloefeningen tijdens hardlooptraining in de duinen. De knieblessure lijkt verleden tijd.
Dik tevreden aan de finish van de Salomonstrail in Gulpen 2016 na extra klim- en daaloefeningen tijdens hardlooptraining in de duinen. De knieblessure lijkt verleden tijd.

Trail Gulpen

Aanvankelijk leek de knieblessure mee te vallen. Het weekend erna had ik een trailwedstrijd van 11 kilometer in de Limburgse heuvels bij Gulpen. Niets forceren en alleen lekker lopen, was mijn voornemen. Dat deed ik. En nog snel ook. Van het kleine groepje Goudse deelnemers finishte ik als eerste. Op het eerste stuk had mijn knie wel stijf gevoeld, maar eenmaal warm liep ik soepel. Ook bij het stijgen en dalen. Blij hapte ik na de finish het grote stuk Limburgse kersenvlaai weg, vergezeld van twee halve liters alcolholvrijbier. Het was tenslotte een wedstrijd in Limburg. Ik herstelde snel en de knie leek beter dan voor de wedstrijd.

Dik en pijnlijk

Maar zo bleef het niet. Steeds vaker merkte ik dat een rechterknie had. Met het lopen viel het aanvankelijk wel mee. Na een hardlooptraining legde ik een ijszak erop. De knie werd niet dik. Het meeste last had ik er in bed van. Bij het wakker worden, deed de knie pijn. Op een zij, of met benen over elkaar, lag niet prettig. Ik liep steeds minder snel en minder afstand. Uiteindelijk nam ik drie dagen rust in de hoop dan voldoende hersteld te zijn om met de wekelijkse hardlooptraining van de Goudse Runners mee te kunnen doen.

Teleurgesteld en boos in de hardlooptraining

“Je loopt mank! Dat is niet normaal!” Ik hoorde de scherpte in de stem van een loopmaatje. Haar toon benadrukte dat het idioot was dat ik doorliep in plaats van onmiddellijk te stoppen. Al bij het inlopen op de atletiekbaan had ze gemerkt dat ik niet goed liep. “Een beetje last van mijn knie”, had ik beaamd. Nu bij het ingaan van de twee ronde bleef ik zwijgen. “Je kunt het hem ook aanpraten,” reageerde mijn andere loopmaat. “Ik zeg al niks meer,” klonk het licht geïrriteerd. Ik wist dat ze gelijk had, maar ik wilde niet opgeven. Ik was teleurgesteld en boos. Mijn knie liet me zonder duidelijk oorzaak ineens in de steek. Hardlopen deed ik al tijdens mijn studietijd, maar sinds drie jaar had het een centrale plek in mijn dagelijkse leven. Het was  de aanmoediging van mijn loopmaatjes geweest met hen wedstrijden te gaan lopen, waardoor ik intensiever was gaan hardlopen.

Voorlopig geen hardlooptraining meer

De volgende ochtend had de huisarts mijn knie gevoeld en rust aanbevolen. Dus niet hardlopen. Met vier tot zes weken moet een overbelaste knieband over zijn. Dat ik er al drie weken meeliep en het eigenlijk alleen maar erger was geworden, maakte dat het wel tot mij doordrong dat ik het doktersadvies moest opvolgen. Voorlopig dus geen hardlooptraining meer.

Wordt vervolgd!

Voor deel 1 van dit feuilleton klik je hier.

Baantjes zwemmen als alternatieve hardlooptraining

Baantjes zwemmen als alternatieve hardlooptraining. Dat ben ik gaan doen, omdat ik door mijn knieblessure niet kan hardlopen. Zo hoop ik mijn conditie toch enigszins op peil te houden. Warm krijg ik het er niet van en in het water is ook niet veel te zien. Dit is deel 3 van het feuilleton ‘Hartverscheurend hardlopersleed’.

Baantjes zwemmen als alternatieve hardlooptraining

Alsof het Groenhovenbad een klassieke tempel is, moet je een brede en hoge trap op. Bij elke trede voel ik mijn knie. Terwijl ik hier toch ben omdat je in het water je spieren en gewrichten minder belast.

De hoge en brede trap van het Groenhovenbad die ik op moet voor mijn baantjes zwemmen.
De hoge en brede trap van het Groenhovenbad die ik op moet voor mijn baantjes zwemmen.

Het zwembadwater is kouder dan ik verwacht. Ben ik verwend door de bubblebaden bij de sauna?  Tot mijn opluchting zijn er niet alleen bejaarden baantjes aan het zwemmen. In hoog tempo schieten volop badmutsjes en brilletjes met krachtige borstcrawlslagen op en neer. Naast hen laat ik me in het water glijden en begin aan mijn baantjes. Ik beheers alleen de schoolslag. Omdat ik toch mijn knie voel, moeten vooral mijn armen het werk doen.

Schouderbandje

Af en toe zie ik links en rechts van me tussen het gespetter een schouderbandje. Onder de snelle zwemmers bevinden zich aardig wat vrouwen en meiden. Bij het hardlopen kruist altijd wel een loopster in flitsende outfit mijn pad en in elke wedstrijd zijn er dansende staartjes om achteraan te gaan. Deze pleziertjes moet ik bij het baantjes zwemmen missen. De enige mogelijkheid iets meer te zien van mijn medezwemsters is het loopje van de douche naar de rand van het bad. Door de natte glazen van mijn bril, die ik maar ophoud omdat ik anders helemaal niks zie, constateer ik dat veel zwempakken, net als de kleurige hardloopoutfits, de vrouwelijke power van de draagster benadrukken.

Goudvistraining

Het bad is 25 meter breed. Even de kant aantikken, omdraaien en met mijn linkervoet voorzichtig afzetten en het volgende baantje zwemmen. Ik ga het steeds beter doen als goudvis. Tegen de muur geeft een enorme digitale klok de tijd tot op de seconde nauwkeurig aan. Heen en weer, 50 meter, doe ik in ongeveer anderhalve minuut. De eerste keer had ik het na veertig minuten wel gehad. Ik rekte het tot drie kwartier, maar toen was ik echt aan het bibberen. De spieren van zowel mijn rechter- als linkerbeen dreigden te verkrampen. Na zes weken zit ik nu op 70 minuten non-stop zwemmen. De warme douche na afloop voelt nog steeds als een beloning.

Deel 1 Hartverscheurend hardlopersleed vind je hier en dit is deel 2 Hartverscheurend hardlopersleed .

Plantaris hypertonie! Dus geen knieblessure

Plantaris hypertonie! Dus geen knieblessure! Die diagnose stelt sportarts Alsemgeest. Hij zegt dat rust niet helpt om van mijn vermeende knieblessure af te komen. Er is maar één remedie tegen plantaris hypertonie: manuele manipulatie en dat is geen prettige behandeling. Sterker nog: die doet pijn. Dit is deel 4 van het feuilleton ‘Hartverscheurend hardlopersleed’.

Route 83 naar het Sport Medisch Adviescentrum

Niet Route 66, maar route 83 is mijn hoop op de toekomst. Elke afdeling van het Groene Hart ziekenhuis heeft een routenummer gekregen. Dat maakt de bewegwijzering overzichtelijker. Maar het hoge nummer betekent voorlopig alleen een lange wandeling door eindeloze ziekenhuisgangen. Soepel laveer ik tussen rollators en rolstoelen door ondanks mijn knieblessure.  Op de eerste etage eindigt route 83 abrupt. Drie meter verder zie ik de stoelen van een wachtkamer met er tegenover een balie. Die is echter leeg. Ik loop terug naar het bordje route 83 en ontdek op een deur de aanwijzing dat men zich voor de sportarts niet hoeft te melden. Je kunt in de wachtkamer gaan zitten tot je opgeroepen wordt.

Op de behandeltafel van dokter Alsemgeest

Binnen enkele minuten klinkt mijn naam. Dokter Marc Alsemgeest zelf nodigt me uit in zijn spreek- en behandelkamer. Na mijn verhaal aangehoord te hebben, mag ik op de behandeltafel gaan liggen op mijn rug. Hij pakt mijn knie, draait wat aan het onderbeen en vraagt of het pijn doet. “Ik voel het, maar pijn kan ik dit niet noemen.” “Auw, auw,” piep ik, want ondertussen heeft hij mijn onderbeen tegen mijn bovenbeen gevouwen. Iets wat mij al weken niet meer lukte. “Auw!” Een ongewoon heftige pijnscheut schiet door me heen als zijn grote hand mijn knie aan de achterkant vastpakt. Hetzelfde gebeurt er als hij me iets boven de enkel vastpakt en vervolgens ook mijn kuit.

Ik heb plantaris hypertonie hypertonie plantaris plantarisspier knieblessure
De plantaris is een pees die loopt van je hiel tot aan de knie. Door overbelasting raakt die verkrampt: hypertonie plantaris.
Diagnose Plantaris hypertonie

Terwijl de pijnen langzaam wegtrekken, stelt dokter Alsemgeest de diagnose. “Je hebt geen knieprobleem, maar een peesprobleem. Van de hiel naar de knie loopt een pees en die is helemaal verkrampt: hypertonie van de plantarisspier. Dat lossen we niet op met rust. Er is geen andere behandeling dan manuele manipulatie. Dat voelt niet prettig. Ik oefen druk uit op drie punten in de hiel waarop de plantarisspier zich even ontspant en daarna masseer ik steeds de pees los. Nogmaals, het voelt niet fijn, maar het is het enige wat helpt. Wil je het?” Onmiddellijk zeg ik ja. Ik heb alle vertrouwen in zijn aanpak en ik wil alleen maar zo snel mogelijk weer rennen.

Manuele manipulatie ofwel kraken

Vijftien minuten later loop ik blij route 83 in omgekeerde richting. Mijn rechterknie en been voelen ontspannen en  tegelijkertijd tintelt alles er. De adrenaline giert nog door mijn lijf. Ik kan me niet herinneren ooit zoveel pijn doorstaan te hebben. Hoewel de logica verbiedt een stelling om te draaien, vermoed ik dat het wat betreft de zachte heelmeesters die stinkende wonden maken, wel mag. De door Alsemgeest zelf ontwikkelde behandeling tegen plantaris hypertonie is allesbehalve zachtzinnig. Neutraal aangeduid als manuele manipulatie, maar beter bekend als kraken. De druk die hij op de hiel uitoefende was al pijnlijk, maar bij de daarop volgende massage van de spier had ik, liggend op mijn buik, mijn gezicht tegen het bed gedrukt en zowat mijn tanden in het papieren laken gezet om het niet uit te schreeuwen.

Hamstrings rekken

De hamstrings rekken, rekken en rekken is nu mijn opdracht. De kern van het probleem van mijn plantaris hypertonie zit in de hamstrings. Die zijn onvoldoende gerekt en blijven daardoor te kort. Volgens dokter Alsemgeest moet ik met mijn vingertoppen de grond kunnen raken als ik vooroverbuig met gestrekte knieën. Dat gaat veel oefening vergen. De hamstrings mag ik niet belasten, want dat werkt het rekken tegen. Hardlopen mag wel, maar in een heel rustig tempo en niet lang en niet ver. Dat is relatief goed nieuws. Dat er voorlopig geen halve marathon voor mij in zit, is wel duidelijk.  Maar hoe hard en hoe ver kan ik nog hardlopen?

Wordt vervolgd.

Voor deel 1 van dit feuilleton klik je hier.
Voor deel 2 klik je hier.
En voor deel 3 hier.

 

Zeldzame regenbui nabij Gouda

‘Regenbui nabij Gouda’ is de nieuwste aanwinst van Museum Gouda. Dit schilderij van Willem Roelofs uit 1885-1890 is een zeldzaam voorbeeld van een geschilderd landschap in de regen. Regen vormt namelijk een schilderkunstige uitdaging van de eerste orde. Hoe de vallende, doorzichtige waterdruppels in verf te vatten?

Regenbui nabij Gouda,1885-1890, van Willem Roelofs is een van de weinige schilderijen waarop het regent.
Regenbui nabij Gouda,1885-1890, van Willem Roelofs is een van de weinige schilderijen waarop het regent. Museum Gouda verwierf het recent.
Regenbui nabij Gouda

‘Regenbui nabij Gouda’ toont het weidse polderlandschap met zwartbont vee en een sloot en houten bruggetje op de voorgrond. Aan de linkerkant van het schilderij is de hoosbui losgebarsten. Dat verbeeldde Roelofs overtuigend door de donkergrijze wolken over te laten gaan in de bosschages op de achtergrond.  Het grijs in verschillende tinten schilderde hij met krachtige, schuine halen van zijn kwast. De structuur die daardoor ontstond, suggereert beweging. We zijn het regengordijn dat over het polderland schuift. Aan de rechterkant vallen alleen nog de eerste spetters. We zien de weiden tot aan de horizon in het laatste licht. Weldra zal de grijze wolkenmassa ook dit uitzicht op het landschap aan het oog onttrekken.

Jan van Goyen

De eerste die regen schilderde door de overgang tussen wolken en land te vervagen om regen te schilderen, was Jan van Goyen. Ongetwijfeld kende Roelofs die schilderijen. Van Goyen was een van de weinigen van de beroemde meesters van de Hollandse schilderkunst van de zeventiende eeuw, die zich waagde  aan landschappen in de regen. Van Goyen had ook goed gekeken naar de makers van prenten. In de tekenkunst is regen te verbeelden met streepjes. Die zet je dichter of verder uit elkaar afhankelijk van de intensiteit van de bui. Hoe schuiner de regenstrepen, hoe harder het waait.

Romantiek

Het schilderen van dreigende regenwolken was Roelofs vertrouwd. Hij had leren schilderen in de tijd dat de romantiek de schilderkunst domineerde. Overweldigende landschappen met een nietig mensfiguurtje en dreigende onweersluchten maakten furore. Het ging de romantische schilders niet om het verbeelden van de natuur als zodanig, maar om de menselijke emotie. De eenzame wandelaar versus het dreigende natuurgeweld. Roelofs ontwikkelde echter wel belangstelling voor de natuur op zich. Na zijn kennismaking met de avantgardeschilders die in Barbizon buiten naar de natuur gingen werken, nam hij voorgoed afscheid van de romantische traditie en ontwikkelde zich als wegbereider voor de Haagse School.

Wegbereider Haagse School

Hij ging als een van de eersten Hollandse landschappen schilderen om de sfeer ervan weer te geven. De groene weiden met sloten doorsneden en erboven de Hollandse luchten werden in navolging van Roelofs het thema bij uitstek voor de Haagse Schoolschilders. Die raakten steeds meer gefascineerd door het licht. Ook Roelofs realiseerde zich al dat de sfeer van een landschap meer van doen heeft met de felheid van het zonlicht dan met een gedetailleerde afbeelding van het gras, de sloten en de bomen.

Verdwenen werkelijkheid

Maar ‘Regenbui nabij Gouda’ laat ook zien dat Roelofs zijn oorsprong als romanticus nooit helemaal zou verloochenen. Hoewel de hoosbui nu een Code Oranje zou verdienen, werken twee boeren in alle rust door. Rechts zit er een onder een koe om die te melken. Links is de tweede bezig in een bootje. Het enige vervoermiddel waarmee je deze weiden kon bereiken. Ook de koeien lijken zich weinig van de hoosbui aan te trekken. Waar ze in werkelijkheid met hun achterwerken in de wind en regen gaan staan, staan ze kriskras door elkaar. Toch ervaren wij het tafereel als de werkelijkheid. Al is het een verdwenen werkelijkheid

Terreur in het hart van Europa

De terreur raakt Brussel, raakt het hart van Europa; raakt opnieuw vooral de vrijheid. Toch zal de waanzin niet overwinnen, al grijpt die met een angstwekkende snelheid om zich heen.

Cartoon van de Algerijnse cartoonist Dilem op Twitter op 22 maart 2016.
Cartoon van de Algerijnse cartoonist Dilem op Twitter op 22 maart 2016.

De Algerijnse cartoonist Dilem laat Brussel aanschuiven in de inmiddels al bizar grote groep van door terreur getroffen steden in Europa, Afrika en het Midden-Oosten.