Tagarchief: schilderkunst Gouden Eeuw

De meiden van Vermeer achterna in Nederlands Dagblad

De meiden van Vermeer achterna in Nederlands Dagblad van 24 februari 2017. Een hele pagina wijdt Gulliver, het boekenkatern van het ND, aan de pelgrimage van Marc Couwenbergh naar 21 vrouwen van Vermeer.

Lees hier de boekbespreking door Arjan Glas van De meiden van Vermeer achterna in het Nederlands Dagblad 24-02-2017.

De meiden van Vermeer achterna inNederlands Dagblad; paginagrote bespreking van het boek door Arjan Glas.
De meiden van Vermeer achterna inNederlands Dagblad; paginagrote bespreking van het boek door Arjan Glas.

Lees verder De meiden van Vermeer achterna in Nederlands Dagblad

Laatste kans om Amor te zien

Laatste kans om Amor te zien! De tentoonstelling Vleiend penseel – Caesar van Everdingen (1616/1617-1678) in het Stedelijk Museum Alkmaar is nog te zien tot en met zondag 22 januari 2017.

Laatste kans om Amor te zien! De liefdesgod Amor, ook wel Cupido genoemd, met een glazen bol, geschilderd door Caesar van Everdingen.
Laatste kans om Amor te zien! De liefdesgod Amor, ook wel Cupido genoemd, met een glazen bol, werd geschilderd door Caesar van Everdingen. Dit schilderij zou Johannes Vermeer hebben geïnspireerd.

Daar hangt ook een schilderij met de jonge liefdesgod Amor, ook wel Cupido genoemd. Dit altijd blote zoontje van Venus, figureert ook op schilderijen van Johannes Vermeer. De inspiratie ervoor zou Vermeer gehaald hebben uit dit schilderij van Van Everdingen. Wellicht heeft hij het schilderij zelfs in zijn bezit gehad, of was het eigendom van zijn schoonmoeder Maria Thins .

Meer over Johannes Vermeer vind je in De meiden van Vermeer achterna.

Laatste kans om Amor te zien

Bij Vermeer is Amor het meest prominent aanwezig op De staande virginaalspeelster. Op de muur achter haar hangt een groot schilderij van de jongen met zijn boog. In plaats van de glazen bol, houdt hier echter een speelkaart omhoog.

Staande virginaalspeelster geschilderd door Johannes Vermeer rond 1670-1673
Staande virginaalspeelster geschilderd door Johannes Vermeer rond 1670-1673 met een Amor naar het schilderij van Ceasar van Everdingen.
Perfectus amor non et nisis ad unum

Dit beeld lijkt daardoor meer op de prent in het in Antwerpen in 1608 gedrukte boek Amorum Emblemata van Otto van Veen. Daarop houdt Amor een houten bordje omhoog met het Romeinse cijfer I. De bijbehorende spreuk luidt: ‘Perfectus amor non et nisis ad unum’. Ofwel: Volmaakte liefde is er slechts voor één.

Amor houdt een bordje met een Romeinse I omhoog: perfecte liefde kan er slechts voor een zijn.
Amor houdt een bordje met een Romeinse I omhoog: volmaakte liefde kan er slechts voor één zijn. Uit Amorum Emblemata van Otto van Veen, 1608.
Eén of blanco

Maar het is merkwaardig dat op de speelkaart die Amor omhoog houdt bij Vermeer niet het cijfer 1 staat afgebeeld. Amor heeft een blanco kaart in zijn hand. Vergat Vermeer het cijfer? Of wilde hij er een heel andere betekenis aangeven? Namelijk dat de liefde een gok is, net zoals het kaartspel.

Amor keert steeds terug

Amor keert stelselmatig terug bij Vermeer. Ook op het schilderij van het Slapend meisje uit zijn beginjaren, circa 1657, zou het schilderij van Amor te zien zijn. En ook op dat van het Meisje gestoord bij het musiceren uit circa 1658-1661 figureert het in de achtergrond. Op beide schilderijen is het echter nu nauwelijks nog te ontwaren. Moderne technieken hebben aangetoond dat Vermeer het schilderij met Amor ook schilderde op de muur achter het Meisje dat leest bij het open raam uit circa 1657-1659. Hier besloot hij echter het over te schilderen ten gunste van een rustiger beeld met een lege muur.

Meer over Johannes Vermeer vind je in De meiden van Vermeer achterna.

Eigenzinnige Spaanse meesters voor het eerst in Nederland te zien

Spaanse schilders uit voorbije eeuwen zijn nauwelijks vertegenwoordigd in Nederlandse musea. De tentoonstelling Spaanse Meesters in de Hermitage in Amsterdam, te zien tot 29 mei 2016, biedt de unieke mogelijkheid om dichtbij huis kennis te maken met de Spaanse schilderkunst . Vooral die uit de Spaanse Gouden Eeuw, de zestiende en zeventiende eeuw, fascineert door het eigen Spaanse karakter vol spiritualiteit en dramatiek. De heftigheid maakt de Spaanse meesters zo anders dan die van onze eigen Gouden Eeuw, dat de Hollandse toeschouwer wel even moet wennen.

Affiche van de tentoonstelling Spaanse Meesters in de Hermitage Amsterdam. (foto Hermitage Amsterdam)
Affiche van de tentoonstelling Spaanse Meesters in de Hermitage Amsterdam met het hoofd in profiel geschilderd door Velázquez. (foto Hermitage Amsterdam)

 

Dramatiek en religie

In een wit, vliesdun gewaad dat eerder de rondingen van haar lichaam accentueert dan bedekt, plaatste de Spaanse schilder Francisca Ribalta (1565-1628) de gevangengenomen Heilige Catharina ten voeten uit, van de boven- tot de onderrand op het schilderij dat hij over haar martelaarschap maakte in 1599. Haar gezicht is omhoog gedraaid naar de engel die haar komt redden. Devotie met een vleugje erotiek tref je vaker aan bij de Spaanse meesters. Catharina is omgeven door licht dat met de engel uit de hemel neerdaalt. De rest van het tafereel is in schaduw gehuld. Op de achtergrond trekt toch een afschuwelijk gezicht onmiddellijk de aandacht, omdat ook daarop net licht valt. Een wijd opengesperde mond en ogen die bijna uit hun kassen puilen, terwijl het gezicht al grijs kleurt. Een man wordt verpletterd door een stuk van een groot, gebroken houten rad met spijkers. Zijn metgezel tracht te vluchten voor de wraak van de engel. Ribalta toont zonder enige terughoudendheid de rauwe werkelijkheid van de marteldood die bestemd was voor de Heilige Catharina. Door ingrijpen van God bleef zij vooralsnog gespaard en ondergingen de beulen haar lot.

Naar Caravaggio

Ribalta was een van de eerste Spaanse meesters die besefte hoe je de dramatiek van een voorstelling kunt verhogen door een uitgekiend contrast van donker en licht. Dat deed hij naar voorbeeld van Italiaanse schilders als Caravaggio. Dat extra aan dramatiek werd hooglijk gewaardeerd. De Spaanse schilderkunst was nauw verbonden met de katholieke kerk en de Spaanse koning. Een dramatische verbeelding van de verhalen van de martelaren zagen die als een probaat middel om het geloof van de gelovigen te versterken en afvalligen te tonen dat Gods straf degelijk was. De schilderkunst werd ingezet in de verbeten strijd die Spanje vooral onder leiding van Filips II (1527–1598) in de zestiende eeuw voerde om het katholicisme te laten zegevieren over het opkomende protestantisme. Met het goud en zilver dat toestroomde uit Amerika bekostigde Filips ook de bouw en decoratie van El Escorial, het enorme paleis annex kloostercomplex dat in al zijn soberheid en grimmigheid symbool was van de eenheid van kerk en staat.

Lees verder Eigenzinnige Spaanse meesters voor het eerst in Nederland te zien